Familiefoto's

Familiefoto's
Familiefoto's

woensdag 17 juli 2019

Genealogisch blog 380


Weerman in Hellevoetsluis

Dit verhaal is een vervolg op Genealogisch blog 379. Deze twee verhalen vormen samen met Genealogisch blog 47 het levensverhaal van Adriaan Constant van Haeften (1830-1894)
Toen Adriaan Constant op 1 juli 1863 weer in actieve dienst kwam, was dat in de marinehaven van Hellevoetsluis. Hij hield zich daar onder meer bezig met het doen van meteorologische waarnemingen, net als later in 1866.

Meteorologische waarnemingen door A.C. van Haeften
Meteorologische waarnemingen door A.C. van Haeften

Twee weken later volgde zijn aanstelling als 1ste officier op het wachtschip Zr. Ms. ‘De Rhijn’. Bijna een jaar later, half mei 1864, volgde zijn benoeming tot commandant van de gepantserde kanonneerboot ‘nr. 1’, een nieuw type vaartuig van 400 ton, die ook wel ‘Nimrod’ werd genoemd. Het schip had een bemanning van 48 koppen.
Blijkbaar ging het manoeuvreren met de ‘Nr. 1’ Adriaan Constant nog niet zo goed af, want op 9 juni 1864 sprak de Minister van Marine zijn ongenoegen erover uit, dat de ‘Nr. 1’ in aanvaring was gekomen met het vrachtschip ‘Johan en Cornelis’. De Minister spoorde Adriaan Constant aan bij verdere beproevingen met het vaartuig de nodige voorzorgsmaatregelen te nemen om een dergelijk ongeluk te voorkomen. Twee maanden later betuigde de Minister zijn tevredenheid over de wijze waarop de bemanning van de ‘Nr. 1’ de proefnemingen met het nieuwe schip had volbracht.

De Rede van Hellevoetsluis
De Rede van Hellevoetsluis

Op 15 augustus 1864 waren de werkzaamheden van Adriaan Constant op de gepantserde kanonneerboot ‘Nr. 1’ ten einde. Het ontwerp van kanonneerboot ‘Nr. 1’ voldeed niet, het schip werd daarom in 1882 afgekeurd en van de sterkte afgevoerd.
De volgende functie van Adriaan Constant was per 1 juni 1865 die van 1ste officier op het transportschip ‘De Heldin’. Hij verving de Luitenant ter Zee der 1ste Klasse G.W.C. Westenberg. De functie van Adriaan Constant in Hellevoetsluis werd overgenomen door Luitenant ter zeer der 1ste Klasse D.L. Feldman.

 
Dagblad Zuid Holland 27-05-1865
Dagblad Zuid Holland 27-05-1865

Adriaan Constant bleef 1ste officier op de ‘Heldin’ tot eind september en werd daarna op non actief gesteld tot 1 november.
Toen volgde zijn aanstelling als adjudant van de Kapitein ter Zee, P.A. Mathijsen, de commandant en directeur van de Marine te Hellevoetsluis. Na een korte onderbreking van non actief van 1 juli tot 1 september 1866, kreeg Adriaan Constant per laatst genoemde datum de functie van adjudant van de directeur en commandant van de Marine te Amsterdam. Hij verving in die functie J.J. de Hart. Deze baan vervulde hij tot eind april 1870. In Amsterdam ging hij per 1 december 1866 ook deel uitmaken van de Raad van Tucht voor de koopvaardij. Deze functie legde hij neer in mei 1870.
Op een zeekaart, die in het bezit is van het Scheepvaartmuseum in Amsterdam, heeft Adriaan Constant zijn reizen tussen 1850 en 1872 naar Oost Indië met de verschillende schepen bijgehouden.
Adriaan Constant was één der getuigen bij het huwelijk van zijn zus Louisa Francisca met Nikolaas Hoffer de Kanter in Haarlem op 8 september 1865. Zelf had Adriaan Constant verkering gekregen met Johanna Boudewina Boot. Johanna werd in Leeuwarden geboren op 23 mei 1840 als dochter van Johannes Cornelis Boot, voorheen hoogleraar te Amsterdam, toen rector van het gymnasium in Leeuwarden, en Geertruida Maria Rosalina Visser.
Adriaan Constant en Johanna gingen in Amsterdam op 31 mei 1867 in ondertrouw. Twee weken later, op 13 juni 1867 gaf het paar elkaar, ook in Amsterdam, het ja-woord.

 Huwelijksadvertentie in de krant
 Huwelijksadvertentie in de krant

Ongeveer 10 maanden na de sluiting van hun huwelijk werden Adriaan Constant en Johanna verblijd met de geboorte van hun enig kind, dochter Petronella Adriana, die op 28 april om 02.00 uur ter wereld kwam. De doop van Petronella Adriana vond plaats in de Amstelkerk in Amsterdam op 31 mei 1868. De doop werd verricht door Ds. J. Prins, die op dat moment de oudste predikant van Nederland was.
Kort na de vreugde over de geboorte van dochter Petronella Adriana trof diepe rouw het gezin. Echtgenote Johanna Boudewina werd ziek en overleed op 17 augustus. Na de dood van zijn vrouw is Adriaan Constant nooit meer in het huwelijk getreden. Dochter Petronella Adriana groeide voorspoedig op en trouwde op 25 april 1889 met Henri Paul Jules Tutein Nolthenius, die van 1888-1897 burgemeester van Vlissingen was en daarna tot 1910 burgemeester van Apeldoorn.
Na het overlijden van zijn vrouw stortte Adriaan Constant zich volledig op zijn werk. Zijn  carrière zou nog een hoge vlucht nemen. Per KB nr. 21 van 24 juni 1870 kreeg Adriaan Constant het bevel opgedragen over het schroefstoomschip ‘De Dommel’ om daarmee op te stomen naar Paramaribo om het stoomschip ‘Schouwen’ te vervangen. De ‘Dommel’ met een vermogen van 89 pk had 6 kanonnen aan boord. De bemanning bestond uit 75 koppen.
Na twee dagen op zee keerde Adriaan Constant echter terug naar de haven, omdat de ‘Dommel’ niet zeewaardig bleek te zijn. Het schip werd op 25 november weer uit de vaart genomen. De volgende dag kreeg Adriaan Constant het bevel over het nieuwe stoomschip ‘Soestdijk’. Met dat schip vertrok hij op Eerste Kerstdag van 1870 van Texel naar Suriname. Op 10 januari 1871 kwam de ‘Soestdijk’ aan op de rede van Paramaribo en bleef daar tot 26 juni 1872. Tijdens zijn verblijf in Suriname was Adriaan Constant van 14 maart 1871 ook commandant van het marinestation ‘Suriname’.

May Queen
May Queen
De Amerikaanse bark ‘May Queen’, geladen met petroleum, brandde (met opzet?) op de rede van Paramaribo af op 10 februari 1872. De regering in Washington dankte op 11 mei van dat jaar Adriaan Constant voor de bewezen diensten tijdens de brand.

De ‘Soestdijk’ vertrok op 26 juni weer van de rede van Paramaribo en liep op 10 augustus binnen in Hellevoetsluis. Adriaan Constant was inmiddels per KB nr. 11 van 23 juli 1872 bevorderd tot Kapitein Luitenant ter zee met ingang van 1 augustus 1872. Eenmaal terug in Nederland werd de ‘Soestdijk’ op 25 september buiten dienst gesteld. Adriaan Constant werd daarom eervol van zijn taak ontheven en weer op non actief gesteld. Hij bleef dat tot 1 november 1874.

Cart de Visite van A.C. van Haeften
Cart de Visite van A.C. van Haeften

Adriaan Constant benutte deze laatste periode, dat hij op non actief gesteld was, voor het maken van enkele buitenlandse studiereizen. Voor die reizen kreeg hij het door hem gevraagde verlof. In 1873 vertoefde hij 4 maanden in Duitsland en Italië. Op 20 juli 1874 vertrok hij voor 6 weken naar Denemarken en Zweden. Op 1 juli 1877 nam hij nog een keer 2 maanden verlof voor een reis naar Duitsland.
Zijn tocht met de ‘Soestdijk’ naar Suriname was zijn laatste optreden als commandant of officier op één van Zr. Ms. Marineschepen. Vermoedelijk maakten problemen met zijn gezondheid het voor Adriaan Constant niet meer mogelijk op zee te dienen.
Daarom kreeg hij per november 1874 drie functies aan de wal in Amsterdam. Hij werd  aangesteld als onderdirecteur van de Marinewerf aldaar. In financieel opzicht legde deze aanstelling hem geen windeieren. Hij behield zijn nonactiviteitstraktement, maar kreeg daar bovenop nog een zeetraktement van fl. 1200,00 per jaar met vrije woning.
Tegelijkertijd werd Adriaan Constant president van de Raad van Tucht voor de Koopvaardij en commissaris van de Kweekschool voor de Zeevaart in Amsterdam. De beide eerstgenoemde functies oefende hij uit tot 1 mei 1877. Tot die datum was hij ook formeel commissaris van de Kweekschool voor de zeevaart, na die datum oefende hij deze functie tot zijn dood in 1894 honorair uit.


Tiel, 17 juli 2019