Familiefoto's

Familiefoto's
Familiefoto's

vrijdag 25 maart 2022

Genealogisch blog 620

 

Drie keer getrouwd

Zacharias Walvis (1860-1925) en Fijtje Posener (1870-1943) kregen tien kinderen, van wie er vier het eerste levensjaar niet haalden. De zes andere kinderen werden vermoord door de nazi’s in de vernietigingskampen en bereikten maximaal een leeftijd van 52 jaar. Vader Zacharias verdiende zijn brood als sjouwerman, marktkoopman en diamantslijper.

Zacharias en Fijtje noemden hun tweede kind, een zoon, Hartog. Hartog kwam ter wereld op 25 juli 1892 in Amsterdam. Op 21 oktober 1911 vond voor Hartog de keuring plaats voor de militaire dienst. Hartog verdiende toen als diamantbewerker zijn geld. Bij de keuring kwam naar voren, dat Hartog slechts een lengte had van 1.58 m. Toch werd hij geschikt verklaard voor de militaire dienst en werd hij ingedeeld bij de infanterie. Hij zwaaide af op 22 november 1913, omdat zijn diensttijd erop zat.

Hartog Walvis

Tijdens zijn dienstperiode had Hartog al verkering met Jeanette Pront. Zij zag het eerste levenslicht op 27 juli 1893 In Amsterdam en was een dochter van Hartog Pront en Sara Werkheim. Jeanette kwam uit een gezin met twaalf kinderen. Haar ouders waren voor de oorlog al overleden evenals een zus en een broer. Haar andere broers en zussen zijn vermoord door de nazi’s.

Jeannette Pront

Het huwelijk tussen Hartog en Jeannette werd voltrokken in Zaandam op 26 november 1913. Toen Hartog en Jeanette trouwden was Jeanette al zwanger. Op 23 januari 1914 werd in Amsterdam dochter Sophia geboren. Toen Sophia 28 jaar oud was trad ze in 1936 in het huwelijk met de venter van groenten en vis Louis Groeteman. In 1937 werd hun dochter Hendrika Sophia geboren. Het hele gezin Groenteman-Walvis vond de dood in de gaskamers van Auschwitz.

Het gezin Groenteman-Walvis, foto Joodsmonument

Het huwelijk van Hartog Walvis en Jeannette Pront heeft niet lang stand gehouden. In 1918 was de koek op omdat Hartog het bed had gedeeld met Elisabeth Maria Duijf, die prompt van hem zwanger raakte. Het huwelijk van Hartog en Jeannette werd in Zaandam op 13 november ontbonden. Een kleine twee jaar later hertrouwde Jeannette met Levie Goudeketting, met wie ze nog twee kinderen kreeg, dochter Mietje en zoon Hartog. Het gezin Goudeketting-Pront werd in 1942 in Auschwitz vermoord.

Hartog Walvis trouwde voor de tweede keer met de toen 22-jarige Elisabeth Maria Duijf op 9 augustus 1922 in Amsterdam. Maria Elisabeth was een dochter van Willem Frederik Duijf en Francina Duijkers.. Maria Elisabeth had al een dochter van Hartog met de naam Elisabeth Maria, die op 18 mei 1919 was geboren. Ook tweede dochter Heintje kwam ter wereld voordat Hartog en Maria Elisabeth officieel waren getrouwd. Heintje was van 5 oktober 1920. Toen zoon Hartog op 29 januari 1922 werd geboren, vonden Hartog en Maria Elisabeth kennelijk nodig hun relatie formeel vast te leggen door met elkaar te trouwen. Verwonderlijk is, dat zij bij die gelegenheid, volgens de huwelijksakte, alleen zoon Hartog als hun kind erkenden. Dochter Heintje en haar man overleefden de oorlog niet, terwijl hun zoon Jacob van 1943 de oorlog wel overleefde net als zijn tante Elisabeth Maria en zijn oom Hartog.

Tot groot verdriet van Hartog Walvis overleed zijn tweede vrouw, Elisabeth Maria Duijf, op 3 november 1932. Iets minder dan een jaar later stapte Hartog voor de derde keer in het huwelijksbootje. Op 30 augustus 1933 werd in Amsterdam het huwelijk gesloten tussen de 41-jarige Hartog Walvis en Sientje de Boer, die toen pas 23 jaar oud was. Sientje was een dochter was Leendert de Boer en Elisabeth Cracau. Zij kwam ter wereld op 15 mei 1910 in Amsterdam. Tot 1935 woonde Hartog met zijn gezin in de Linnaeusdwarsstraat op nummer 26, in de Hipsekrips dus In 1935 vond de verhuizing naar de Ben Viljoenstraat in de Transvaalbuurt plaats.

Marktvergunning van Hartog Walvis

Aan het einde van de jaren ’20 of in het begin van de jaren ’30 van de vorige eeuw openbaarde zich bij Hartog de eerste verschijnselen van de ziekte MS.  Een gevolg daarvan was, dat hij zijn werk in de diamantindustrie niet meer kon voortzetten. Zijn kleine motoriek liet hem in de steek. Hartog vond een oplossing in de markthandel. Hij vroeg een marktvergunning aan en kreeg die voor de handel in lompen en oude kleren. Hij mocht in de stadsdelen Centrum en Zuid langs de huizen gaan. Hij had ook toestemming om op zondag met oude rommel op de markt op Uilenburg te staan. Door de progressie van zijn ziekte werd het voor Hartog steeds moeilijker zijn werk uit te voeren en ging hij over tot de handel in lampen, wat niet zo’n belasting voor zijn handen betekende.

Kaart Hartog Walvis Arolsen Archiv

Bij de razzia, die de Duitsers samen met de Amsterdamse politie op 2 oktober 1942 uitvoerden in de Transvaalbuurt, werden Hartog en Sientje ook opgepakt en op de trein naar Westerbork gezet. De volgende dag werden ze ingeschreven in de administratie van Kamp Westerbork. Daar verbleven ze precies twee dagen, want op 5 oktober 1942 volgde verder transport. Sientje kwam in Auschwitz terecht, waar ze direct door kon gaan naar de gaskamers. Het is mogelijk, dat Hartog de trein naar Auschwitz in Kosel (tegenwoordig Kozle in Polen) moest verlaten om in de omliggende kampen te gaan werken voor de nazi’s. Uiteindelijk is Hartog misschien terecht gekomen in een van de vele subkampen van Concentratiekamp Gross Rosen.

Concentratiekamp Gross Rosen en omliggende werkkampen

Niet helemaal zeker is of Hartog vanuit Gross Rosen heeft moeten werken in het buitencommando Senfterberg, zoals uit sommige bronnen valt op te maken, of in een ander kamp. Het is ook mogelijk, dat Hartog het heel lang in Auschwitz heeft volgehouden en een van de gevangenen was, die aan het einde van de oorlog onder de meest erbarmelijke omstandigheden uit Auschwitz geëvacueerd werden en terechtkwamen in Gross Rosen. Daar bezweek Hartog op 7 februari 1945 van honger en uitputting.

 

Tiel, 25 maart 20-22


 


 


 


 


 

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten