Familiefoto's

Familiefoto's
Familiefoto's

vrijdag 24 februari 2017

Genealogisch blog 158



Nichts Schriftliches von Politik

Hans-Bernd von Haeften kwam ter wereld in Berlijn op 18 december 1905. Hij was het tweede kind, en de oudste zoon, van Hans von Haeften en Agnes von Brauchitsch. Eerder, in 1903, was in huize Von Haeften dochter Liet geboren. Drie jaar na de geboorte van Hans-Bernd zag jongste zoon Werner het levenslicht.
De gebeurtenissen tijden de Eerste Wereldoorlog waren in hoge mate bepalend voor de ontwikkeling van de kinderen, omdat vader Hans toen behoorde tot de Generale Staf van het Oppercommando Oost behoorde en later als adjudant van Von Hindenburg en Ludendorff werd meegesleurd in het conflict met de Keizer over de tweefrontenoorlog. Toen vader Hans tegenover de Keizer aangaf, dat hij er ook persoonlijk voorstander van was de strijd in het Oosten te concentreren, ontstak de Keizer in grote woede en rukte al zijn onderscheidingen van zijn uniform, daarna werd vader Hans weggepromoveerd. 


Hans-Bernd von Haeften
Hans-Bernd von Haeften

Na de basisschool ging Hans-Bernd naar het humanistische Bismarck Gymnasium in Berlijn-Wilmersdorf. Toen hij geslaagd was voor zijn eindexamen, vond vader Hans, dat hij eerst een tijd in het leger moest dienen. Voor Hans-Bernd was zijn diensttijd geen succes. De “geborener Zivilist”, zoals hij zelf zei, moest de dienst verlaten vanwege ernstige darmproblemen.
In het najaar 1924 begon Hans-Bernd met zijn studie rechten aan de Universiteiten van Berlijn en München. Tijdens zijn studie kreeg Hans-Bernd verkering met Barbara Curtius. Zij verloofden zich op 27 maart 1928. Na zijn afstuderen deed Hans-Bernd in het daarop volgende najaar mee met een studentenuitwisseling en studeerde een jaar aan het Trinity College in Cambridge. Tijdens zijn schooljaren en studietijd raakte hij bevriend met mensen die een beslissende invloed op zijn leven zouden hebben, zoals onder meer joodse Günther Hell en Kurt Hahn (1886-1974) en de theoloog Dietrich Bonhoeffer (1906-1945). Zijn opvoeding (zijn ouders moesten niet van Hitler c.s. hebben), zijn geloof en deze vriendschappen bepaalden in hoge mate het latere politieke denken van Hans-Bernd.

Hans-Bernd von Haeften en Barbara Curtius

Hans-Bernd von Haeften en Barbara Curtius

 

Van 1 januari tot begin augustus 1930 werkte Hans-Bernd op het Duitse Consulaat in Genève. Terug in Berlijn traden hij en Barbara op 2 september 1930 in het huwelijk. Weer thuis van de huwelijksreis ging het stel in Berlijn-Schmargendorf wonen. Hans-Bernd werd secretaris van de Stresemann Stichting. De stichting streeft een maatschappij na die het voor ieder individu mogelijk maakt zich vrij te ontwikkelen tot een verantwoordelijk burger.
Door zijn vriendschap met Bonhoeffer kwam Hans-Bernd in 1931 in contact met Martin Niemöller (1892-1984), de latere oprichter van de “Bekennende Kirche”, waarvan ook Dietrich Bonhoeffer lid was. De Bekennende Kirche (de Belijdende kerk) was een Christelijke verzetsbeweging in Nazi-Duitsland. De Bekennende Kerk werd in 1934 opgericht als ondergrondse kerk, nadat de protestantse kerken in 1933 door de Nazi’s gedwongen werden te fuseren tot de Deutsche Reichskirche. De Bekennende Kirche, gebaseerd op de Barmer Thesen van o.a. theoloog Karl Barth (1886-1968), verwierp staatsingrijpen in religieuze aangelegenheden en erkende alleen de openbaringen van Jezus Christus. Hans-Bernd en Barbara traden op 26 september 1934 toe tot de Bekennende Kerk met lidmaatschapsnummer 456 en 457. Met genoemde en andere vrienden discussieerde Hans-Bernd diepgaand over geloof en politiek. In zijn vele brieven nemen geloofszaken een prominente plaats in.
 Al in 1932 probeerde Hans-Bernd te voorkomen, dat Hitler aan de macht zou komen. Hij was een felle tegenstander van de Nazi’s. De betreffende documenten hebben Barbara en hij verbrand, toen Hitler Rijkskanselier werd op 30 januari 1933. Toen vervolgens het eerste gevaar van een huiszoeking door de Gestapo dreigde, spraken Hans-Bernd en Barbara af in het vervolg over politieke zaken “Nichts Schriftliches” meer vast te leggen. Vanaf dat moment handelde hun correspondentie uitsluitend over persoonlijke en kerkelijke zaken.
Na een soort toelating examen, trad Hans-Bernd in dienst van het Duitse Ministerie van Buitenlandse Zaken in mei 1933, waar hij aanvankelijk verder opgeleid werd tot attaché. In de herfst van 1933 braken de Nazi’s, die inmiddels aan de macht gekomen waren de opleiding af en stuurden Hans-Bernd naar een werkkamp in Oost Pruisen om daar moerassen droog te leggen. Daar in Oost Pruisen kwam Hans-Bernd in contact met communistische arbeiders uit het Ruhrgebied. Door het contact met hen ontwikkelde Hans-Bernd zijn socialistische ideeën verder.
Terug bij Buitenlandse Zaken in Berlijn werd Hans-Bernd achtereenvolgens aangesteld als cultureel attaché aan de Duitse Ambassades in Kopenhagen (1934), Wenen (1935), waar hij te maken kreeg met Arthur Seys-Inquart de latere Rijkscommissaris van Nederland, en in Boekarest (1937), waar in 1997 een centrum voor volwasseneneducatie naar hem vernoemd werd. Hoewel de partij geen nieuwe leden meer aannam, kreeg Hans-Bernd in 1934 het aanbod lid te worden van de NSDAP. Hij weigerde uiteraard resoluut, wat hem een eerste aantekening in zijn personeelsdossier opleverde. Later zouden er nog vier volgen.

Terwijl Hans-Bernd in het buitenland verbleef, woonde Barbara met hun drie kinderen in Berlijn-Dahlem bij haar ouders. Tijdens een bombardement begin 1943 werd het huis verwoest. Barbara en de kinderen vonden tijdelijk onderdak op Grammertin, het buiten van haar ouders. Later verbleven ze op verschillende adressen in en rond Berlijn. Wanneer hij thuis was ontpopte Hans-Bernd zich als een voorbeeldig vader, die graag met zijn kinderen speelde. Zijn kinderen noemden hem liefkozend “Pansing”, een samentrekking van “Papa Hansing”, zoals zijn oudste zoon hem noemde. In januari 1940 liep Hans-Bernd een zware hersenschudding op, toen hij met zijn kinderen aan het sleeën was en op zijn achterhoofd viel. Echtgenote Barbara vond niet, dat Hans-Bernd hetzelfde onbezorgde, vrolijke en stralende voorkomen had als zijn broer Werner. Zij zag in de ogen van Hans-Bernd meer goedheid en helderheid. Hij kon zich enorm op zijn werk concentreren, maar ook op het spel met zijn kinderen.
In 1940, de Tweede Wereldoorlog is inmiddels begonnen, dreigde Hans-Bernd naar Moskou overgeplaatst te zullen worden, maar dat ging niet door. Wel werd hij, ook in Boekarest, scherp door de Gestapo in de gaten gehouden. In september van dat jaar kon hij even naar huis om zijn vierde kind in de armen te sluiten. In oktober begon hij als plaatsvervangend chef van de Inlichtingenafdeling van het Ministerie van Buitenlandse Zaken in Berlijn. Daar kwam hij in aanraking met Gottfried von Nostitz (1902-1976) en Adam Trott zu Solz (1909-1944), en via hen met Peter Graf York von Wartenburg (1904-1944). Deze laatste introduceerde Hans-Bernd bij Helmuth James Graf von Moltke (1907-1945). Rond York en Von Moltke verenigde zich een vriendenkring van opposanten tegen Hitler, de zgn. “Kreisauer Kreis”.  Op het landgoed van Von Moltke in Kreisau bespraken de vrienden met elkaar vooral hoe het met Duitsland verder moest na “Dag X”, wanneer Hitler van het toneel verdwenen zou zijn. Ze waren erg goed op de hoogte van de waanzinnige en moorddadige wijze van oorlogvoeren in de door Duitsland bezette gebieden en de gang van zaken in de concentratiekampen. Hans-Bernd is zelf nooit in Kreisau geweest. Hij wist dat de Gestapo hem nauwlettend in de gaten hield. Van Adam Trott zu Solz vernam Hans-Bernd altijd wat er in Kreisau besproken was. De vrienden, allen in dienst van het Naziregime vroegen zich in toenemende mate af of ze wel hun werk konden blijven doen.
Hans-Bernd stond ook in contact met militairen, zoals zijn broer Werner en Claus Graf Von Stauffenberg (1907-1944), die Hitler middels een aanslag wilden ombrengen. Hans-Bernd wees om religieus-morele redenen een aanslag op Hitler af, maar de militaire samenzweerders wisten hem wel zover te krijgen om na een aanslag op Hitler de macht over te nemen op het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Hans-Bernd accepteerde uiteindelijk een aanslag op Hitler als laatste uitweg voor Duitsland. Toch twijfelde hij tot het laatste moment. Voor hem was het gebod: gij zult niet doden heilig. Hij zag liever, dat Hitler zich voor het gerecht zou moeten verantwoorden.

Grammertin
 Grammertin

Het vijfde kind van Hans-Bernd en Barbara werd op 19 mei 1945 geboren. In de weken ervoor was Hans-Bernd met ziekteverlof naar Karlsbad geweest. Het feest op Grammertin ter gelegenheid van de doop van de jongste spruit was voor Hans-Bernd het laatste familiefeest. Daags voor de aanslag, op de verjaardag van zijn oudste zoon, zei Hans-Bernd tegen zijn vrouw, nadat hij door de telefoon in codetaal van Werner had vernomen, dat Hitler de volgende dag uit de weg geruimd zou worden:

“Diesmal muss der Film abrollen”.

Op 20 juli 1944 vond de aanslag op Hitler plaats in diens hoofdkwartier “Wolfschanze”, na enkele mislukte eerdere pogingen. Hans-Bernd had zijn broer er eerder van weerhouden met de woorden:

“Ist es wirklich deine Aufgabe vor Gott und vor unseren Vätern?”
Maar ook de aanslag van 20 juli 1944 mislukte. Hitler raakte slechts lichtgewond. ’s Middags ontving hij Mussolini alweer. Von Stauffenberg, Werner von Haeften en enige anderen werden nog dezelfde dag, laat in de avond, terechtgesteld. Hans-Bernd was de hele dag op het Ministerie van Buitenlandse Zaken om daar, na een telefoontje van zijn broer, de touwtjes in handen te nemen. Hij had de daarvoor bestemde volmacht, getekend door Von Stauffenberg, in zijn tas zitten. Toen er maar geen telefoontje van zijn broer kwam, probeerde Hans-Bernd zelf, maar tevergeefs, contact te krijgen met de samenzweerders in de Bendlerstrasse in Berlijn. De lijnen waren overbezet.
Op 21 juli kwam Hans-Bernd voor de laatste keer naar huis om zijn vrouw in kennis te stellen van de dood van zijn broer en om afscheid te nemen van zijn geliefden. De volgende dag, zondag, ging Hans-Bernd naar de kerk en Berlijn-Dahlem en nam deel aan het Avondmaal, ’s avonds werd hij gearresteerd en overgebracht naar de SS-gevangenis in de Lehrterstrasse. Hij stond op 15 augustus terecht voor het Volksgerichtshof onder voorzitterschap van de zeer fanatieke en krijsende Nazi Roland Freisler (1893-1945). Tijdens dit (schijn)proces noemde Hans-Bernd Hitler de "uitvoerder van het kwade in de geschiedenis". Hij zei letterlijk in antwoord op vragen van Freisler:

“Nach der Auffassung, die ich von der weltgeschichtlichen Rolle des Führers habe, nämlich, dass er ein grosser Vollstrecker des Bösen ist, war ich der Auffassung……”
Dezelfde dag werd hij ter dood veroordeeld en op de binnenplaats van de Plötzensee Gevangenis opgehangen aan een pianosnaar.


 


In het bovenstaande filmpje over het verzet tegen Hitler begint het verhoor van Hans-Bernd von Haeften op 12:07. Hij deed daar zijn uitspraak over Hitler al is die moeilijk te verstaan.

Kort voor zijn terechtstelling kreeg Hans-Bernd nog de gelegenheid een afscheidsbrief aan zijn vrouw te schrijven. Hij schreef onder meer:

“...Liebste Frau, ich sterbe in der Gewissheit göttlicher Vergebung, Gnade und ewigen Heils, und in der gläubigen Zuversicht, das Gott all das Unheil, Schmerz, Kummer,Not und Verlassenheit die ich über Euch gebracht habe und das mir das Herz abpresst aus seinem unermäßlichen Erbarmen in Segen wandeln kann, daß er Euch alle an Seinen Vaterhänden auf Euren Erdenwegen geleitet und endlich an Sich ziehen wird. Der Herr unser Erbarmer wird auch Deine Schmerz allmählich lindern, Deine Kummer sänftigen. Dein Leid stillen, Seine Liebe wird die gleiche bleiben, denn "sie höret nimmer auf".
Meine gute Barbara, ich danke Dir aus tiefsten Herzen für alle Liebe und allen Segen, die Du mir in den vierzehn Jahren unserer Ehe geschenkst hast. Bitte vergib mir allen Mangel an Liebe, ich habe Dich sehr viel mehr lieb, als ich Dir gezeigt habe. Aber wir haben eine Ewigkeit vor uns um uns Liebe zu erweisen. Dein Gedanke sei Dir ein Trost in der Trübsal Deiner Witwenjahre.
Mein letzter Gedanke, liebste Frau wird sein, daß ich Euch meine Lieben des Heilands Gnade und meinem Geist in Seine Hände befehle, So will ich glaubensfroh sterben. Und ich möchte meine liebe Barbel, daß auch Du "die immer heitere Frau von Haeften" bleibst! Scherze und lache mit den Kindern, herze sie und sei fröhlich mit ihnen, sie brauchen Deine Frohnatur, und wisse daß nichts mehr nach meinem Sinne sein könne...”
Pas in 1998 nam de Duitse Bondsdag een wet aan, die bepaalde dat alle veroordelingen, die door het Volksgerichtshof waren uitgesproken, ongeldig waren. Daarmee werd de dood van Hans-Bernd von Haeften gekenmerkt als een justitiële moord. Na de dood van echtgenote Barbara werd Hans-Bernd samen met haar begraven op het St.-Annen-Kirchhof in Berlin-Dahlem.
Ter herinnering aan Hans-Bernd en Werner von Haeften bevindt zich in Berlijn een straat met de naam “Haeftenzeile”.

Tiel, 24-02-2017

Meer weten? Lees:
Barbara von Haeften, Nichts Schriftliches von Politik, Hans Bernd von Haeften, Ein Lebensbericht, Verlag C.H. Beck, München , 1997, ISBN 3 406 42614 X
En:
Paul Welling, Spotlight op Werner von Haeften. Soest : Boekscout 2012. 219 blz.  Index. ISBN 9789462061019. Prijs € 17,95. Te bestellen via boekscout.nl



 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten